Het Willem Vroesenhuis (Oudemannenhuis) gezien vanaf de Spieringstraat richting Molenwerf, ca. 1915 (fotocollectie SAMH inv.nr. 57349).
Het poortje van het Willem Vroesenhuis (Oudemannenhuis) in de Spieringstraat, ca. 1930 (fotocollectie SAMH inv.nr. 58043)

Oudenmannen- of Willem Vroesenhuis te Gouda

Een jaar voor de officiële oprichting van het Oudemannenhuis op 10 april 1555 stelde Willem Vroesen zijn huis al open voor de verzorging van enkele behoeftige oude mannen. De stichting werd aanvankelijk beheerd door drie vaders, vier regenten hielden toezicht op de gang van zaken. Het was de laatste van een reeks charitatieve instellingen in Gouda. In 1568 woonden er dertien alleenstaande mannen, ouder dan 50 jaar, ongehuwd en van onbesproken gedrag, de huisregels waren streng. In de eeuwen die volgden werden ze wel verschillende keren versoepeld. De inkomsten bestonden uit schenkingen en de fundatie van proves (toelagen voor de verzorging van één of twee inwoners) door welgestelde burgers of familieleden. Na de Reformatie ontving de instelling een aantal goederen en huizen van de opgeheven stadskloosters. Een stadsplattegrond uit 1585 laat zien dat het Oudemannenhuis toen nog bestond uit verschillende percelen. Om uitbreiding financieel mogelijk te maken organiseerden de regenten met het Gasthuis, dat ook verbouwingsplannen had, een loterij. De huisjes langs de Spieringstraat werden afgebroken en in 1619 was de herbouw een feit, in 1644 kwam de vleugel langs het grachtje tot stand.

De regenten, sinds 1616 vijf in getal, werden bijgestaan door hun vrouwen,  'moeders' genoemd, vanaf 1739 regentessen. Zij regelden de huishoudelijke aangelegenheden. Na 1700 werd de term 'provenier' gebruikt voor oude mannen die zelf een eenmalig bedrag betaalden en zo voor de rest van hun leven van kost en inwoning waren verzekerd. De strenge regels verhinderden niet dat er zo nu en dan ongeregeldheden plaatsvonden, zoals diefstal van elkaars eigendommen of drankmisbruik. In 1792 werd een nieuwe instructie van kracht. In de Franse tijd veranderde de samenstelling van het bestuur, in het Oudemannenhuis merkte men daar weinig van. In 1829 woonden er 33 kostkopers. In verband met de Armenwet van 1854 rees de vraag of het Oudemannenhuis een stedelijke of particuliere instelling was. De Hoge Raad besliste in 1862 tot het laatste. In 1850 kochten de regenten de grond die tot 1832 deel uitmaakte van het rondom de Sint-Janskerk gelegen kerkhof 'tot eene wandeling voor hunne mannen' (de huidige Willem Vroesentuin). In 1855 kreeg het huis aansluiting op de verlichting met gas, in 1895 'een leidingnet met kraan', in 1902 telefoon en in 1919 elektrisch licht. Verdere aankoop van huisjes en gefaseerde verbouwingen maakten het complex tot een fraai geheel met monumentale allure, wat het nog steeds is. De opening van Huize Juliana in 1937, het eerste bejaardentehuis in Gouda, betekende het einde van het Oudevrouwenhuis aan de Kleiweg en de vele hofjes, maar nog niet voor het Oudemannenhuis. In 1952 vond men de naam niet meer passend voor die tijd en veranderde die in Willem Vroesenhuis, als eerbetoon aan de oorspronkelijke stichter. De laatste bewoner verliet het pand op 25 februari 1977. Wat bleef was de Stichting Het Oudemannenhuis, met als doelstelling het bevorderen van sociaal en cultureel werk. Die droeg in 1980 het complex over aan de gemeente voor het symbolische bedrag van  één gulden. Het werd verbouwd tot 13 woningen en 5 wooneenheden, waarbij de prachtige binnentuin behouden bleef.

Auteur: H. van Dolder - de Wit

Archieven:

toegangsnr. 0089 - archief van de stichting Het Oude Mannenhuis (Willem Vroesenhuis) te Gouda, 1555-2000

Literatuur:

Reactie plaatsen






Zoeken

Plaats

Straten

Terug naar

Straten

Korenmolen De Morgenster AarlanderveenHoogmade in de negentiende eeuwAlphense brugOude kerk Alphen