Ouderkerk aan den IJssel (kaartencollectie SAMH inv.nr. KW A 069)

Ouderkerk aan den IJssel

De oudste vermelding van Ouderkerk is van 1263 in een akte van de Utrechtse St. Salvatorkerk of Oudmunster met betrekking tot de pastoorsbenoeming in het dorp.
Ouderkerk is mogelijk de oude moederkerk van Capelle en Nieuwerkerk aan den IJssel.
De kerkelijke gemeente omvatte tot 1861 ook de inwoners van Krimpen a/d IJssel en Stormpolder.
Van 1812-1817 maakten Krimpen a/d IJssel en Stormpolder deel uit van de burgerlijke gemeente Ouderkerk a/d IJssel. De gemeente is op 1 januari 1985 samengevoegd met Gouderak onder de naam Ouderkerk en voert sedertdien een nieuw gemeentewapen.

Dijkdorp
Ouderkerk is gelegen in het noordelijk deel van de Krimpenerwaard aan de Hollandsche IJssel. Qua nederzettingsstructuur is Ouderkerk te typeren als een dijkdorp, overgaand in een bewoningslint of lintbebouwing. In de eerste fase van de "cope"-ontginning (ca. 1000 - ca. 1300) van de Krimpenerwaard is ondermeer de Hollandsche IJssel als ontginningsbasis gebruikt. Langs deze rivier ontstond zo ook in Ouderkerk een bewoningslint. In dezelfde fase werd een dijk aangelegd langs de rivier. Voor de instandhouding van een dijk werden van bovenaf regels gesteld. Zo verleende Graaf Floris V, na de afdamming in 1285 van de IJssel bij Klaphek, aan Ouderkerk in 1287 een keur die o.a. bepalingen bevatte omtrent de zorg voor de (reeds bestaande) rivierdijk.

In het begin van de 16e eeuw wordt het inwoneraantal op 126 geschat, in de tweede helft van de 16e eeuw is dit aantal tot 217 gestegen. De 17e eeuw geeft een uitbreiding met 36 huizen te zien.Tot de invoering van het kadaster is er geen sprake van echte toename van het huizenaantal. De meeste huizen werden gebouwd langs en op de dijk, enerzijds een relatief veilige woonplaats voor de dreiging van overstromingen, anderzijds aantrekkelijk vanwege de daar plaatshebbende economische bedrijvigheid van vissers, schippers en steenbakkers. In de jaren vijftig van de twintigste eeuw bestond de Ouderkerkse vloot nog uit 180 schepen. Het silhouet werd in die tijd nog bepaald door ondermeer twee stellingmolens: de Duiventros en de Hermina.

Kerk
Archeologisch onderzoek heeft uitgewezen dat op de plek van de huidige kerk in de tweede helft van de twaalfde eeuw een tufstenen kerkje is gebouwd. In de periode 1425-1428 (Hoekse en Kabeljauwse twisten) werd de kerk geheel verwoest. De kerk werd op de 14e eeuwse funderingen herbouwd. In het begin van de 16e eeuw werd de kerk tot een kruiskerk vergroot door het aanbouwen van transepten. Tussen 1753 en 1757 werd er in opdracht van de ambachtsheren van Ouderkerk, de familie Nassau La Lecq, een (nieuwe) grafkelder in het koor gemaakt. Tot aan 1824 zijn er leden van het voornoemde familie in het praalgraf bijgezet. Tussen 1780 en 1795 verschilde men jarenlang van mening over afbraak of grondige restauratie van het kerkgebouw. Men besloot tot het laatste met toevoeging van de bouw van een nieuwe consistorie en verplaatsing van de westingang. De kerk kreeg in 1854 een orgel, dat bij de restauratie van de kerk in 1963-1968 naar de westgevel werd verplaatst.

Polders onder Ouderkerk
De onder Ouderkerk liggende polders De Nesse, Kromme, Geer en Zijde zijn per 1 januari 1975 opgeheven en opgegaan in het Hoogheemraadschap van de Krimpenerwaard. Dit hoogheemraadschap fuseerde op 1 januari 2005 met het Hoogheemraadschap Schieland. De archieven van de polders zijn ondergebracht bij het Hoogheemraadschap van Schieland en de Krimpenerwaard te Rotterdam.

Archieven:

  • Archief van het dorpsbestuur (gemeentebestuur), Oud-archief, 1411-1811. Archiefcode 986.
  • Secretarie-archief, 1811 - 1817. Archiefcode 987.
  • Secretarie-archief, 1817 - 1939. Archiefcode 988.
  • Secretarie-archief, 1940 - 1970. Archiefcode 989.
  • Secretarie-archief, 1970 - 1984. Archiefcode 990.

Literatuur:

  • F. Ketner (ed.), Oorkondenboek Sticht Utrecht tot 1301, dl. III, nr. 1597, 's-Gravenhage 1949.
  • L.Ph.C. van de Berg, Oorkondenboek van Holland en Zeeland, eerste afdeeling tot het einde van het Hollandsche Huis dl. II, nr. 611, Amsterdam/'s-Gravenhage 1873.
  • C.L. van Groningen, De Krimpenerwaard, Zeist/Zwolle 1995 (De Nederlandsche monumenten van geschiedenis en kunst).
  • B. de Keijzer en C.C.J. Lans, De bouwgeschiedenis van het dorp Ouderkerk a/d IJssel, de ontwikkeling van een dijkdorp van het eind van de 15e eeuw tot het eind van de 19e eeuw, Rotterdam 1980.

Websites:

Burgemeesters

 1 december 1946 - 1967 A. Neet

Reactie plaatsen






Zoeken

Plaats

Steden en dorpen

Terug naar

Steden en dorpen

Gemeentehuis OudshoornHervormde Kerk ZevenhuizenVilla NuovaAlkemade aan het einde van de achttiende eeuw