De watertoren in de Hoorn, met rechts de machinistenwoning. De foto is gemaakt kort na de bouw. Het poststempel is van 1904
De watertoren in de Prins Hendrikstraat. De foto is van omstreeks 1915.

Watertorens in Alphen aan den Rijn

Behalve met kerktorens werden in de twintigste eeuw de silhouetten van de dorpen voorzien van watertorens. In Alphen stonden twee torens die zorgden voor druk op het waterleidingnet. De oudste toren werd gebouwd in 1902 in de Hoorn en afgebroken in 1958. In 1911 volgde de bouw van een tweede toren aan de Prins Hendrikstraat. De afbraak van deze toren vond plaats in 1972.

Na de riolering is de waterleiding op de gebieden van voeding en hygiëne een belangrijk aspect geweest van ons leven. Aan het einde van de negentiende eeuw kwam er, na regelmatig uitbrekende epidemieën van cholera en tyfus, ernstige kritiek op de gewoonte in deze streken om drinkwater rechtstreeks uit de sloot te scheppen, om regenwater te gebruiken uit vergaarbakken van daken of om water op te pompen uit de bodem die van bovenaf eeuwenlang vervuild werd door mens en dier. De oplossing was het zuiveren van water met filterbedden van grind, zand en soms ook nog houtskool. Het gezuiverde water moest dan in bassins of reinwaterkelders opgeslagen worden en vandaar via gesloten pijpleidingen naar de woningen worden gevoerd. Om het water met een constante druk door het leidingenstelsel te voeren, was het bouwen van een reservoir op aanzienlijke hoogte noodzakelijk. En bij gebrek aan natuurlijke hoogten bood de watertoren uitkomst.
Het waterleidingsysteem is vanaf het begin geen staatsaangelegenheid geweest. Allerlei particuliere en gemeentelijke ondernemingen stortten zich op deze markt en veel architecten braken zich het hoofd over een gebouw dat èn aan de technische eisen èn aan de eisen van esthetiek volgens de mode van de tijd moest voldoen. Het resultaat is een breed scala van modellen; van reservoirs op poten en neogotische kasteeltorens tot dreigende betonkolossen.
De sinds de eeuwwisseling bestaande Alphense waterleidingmaatschappij liet in 1902 en in 1911 torens bouwen door de bekende constructeur van watertorens N. Biezeveld. Biezeveld (1849-1934) kreeg zijn opleiding als timmerman aan de Academie van Beeldende Kunsten en Technische Wetenschappen te Rotterdam. Tien jaar was hij gemeentearchitect van Delfshaven, daarna was hij actief bij de aanleg van waterleidingen en de bouw van watertorens. Hij is de architect van watertorens te Monster, Enschede, Vlaardingen, Hellevoetsluis, Alphen en Rijswijk. Ook werkte hij bij de aanleg van nieuwe havens te Rotterdam.
De watertorens uit het einde van de negentiende eeuw, en ook die van Biezeveld, kenmerken zich door het classicistische uiterlijk, geometrische elementen als cirkels en vierkanten, rondbogen, pilasters, frontons enz. Maar ook neogotische elementen worden niet geschuwd: vooral kantelen zijn populair. Kenmerkend voor Biezeveld is ook de voorliefde voor het uitkragen van het reservoirgedeelte. De watertorens zijn soms werkelijk schaakstukken in het landschap. Het opkomen van de Hollandse renaissance in de bouwkunde brengt een royaal gebruik van kleurschakeringen in de baksteenbouw met zich mee zoals verticale en horizontale elementen in natuursteen en speklagen. De oude ingetogenheid is vreemd geworden.
In 1902 werd in Alphen, in de Hoorn, de eerste watertoren gebouwd door J.H. Nieuwenhuizen te Rotterdam. De hoogte bedroeg 26.50 meter. In 1958 werd de toren gesloopt en tot 2000 bleef het gebied als waterwinterrein in gebruik.
In 1911 volgde de tweede watertoren in de Prins Hendrikstraat aan de Oude Rijn tegenover de Torenstraat. Aannemer was de Amsterdamsche Cement-ijzerfabriek "Wittenburg" in Amsterdam. De toren was 26 meter hoog. In 1972 werd de toren met veel moeite gesloopt.
Het zwakke punt van watertorens was het vocht dat corrosie veroorzaakte. Toen de techniek betere pompen ontwikkelde, werden watertorens met hun logge reservoirs veelal naar de reservebank verwezen en werd zeker het onderhoud verminderd of gestaakt. Na verloop van tijd werd dan de totale sloop noodzakelijk. De watertoren in de Prins Hendrikstraat werd van binnenuit en van buitenaf aangetast. Bij de bouw van de betonconstructie was uit voorzorg nogal veel betonijzer gebruikt dat na een halve eeuw ernstige betonrot veroorzaakte. Van buiten was de toren in de loop der jaren rustiek begroeid met wilde wingerd waarvan de zuignapjes de specie hadden aangetast. Bij de sloop bleek echter dat dit slechts oppervlakkige aantasting tot gevolg had gehad, de sloop duurde drie maanden in plaats van de begrote drie weken.
Toch is deze watertoren in de herinnering gebleven: wegens het bouwjaar 1911 is hij het symbool geworden van de Carnavalsvereniging "De Cascarvieten".
(H.J. Habermehl)

Bronnen en literatuur:
  • SARM; Archief gemeente Alphen 1811-1918, inv.nrs. 1602 en 1609.
  • C.R.M. Verkleij- van der Biezen e.a., Van gasfabriek naar E.W.R. (Alphen aan den Rijn 1989).
  • P. Houwink en Sj. De Jong, Watertorens in Nederland (1856 - 1915) (Nieuwkoop 1973)


Reactie plaatsen




bijlage of video toevoegen





Houd mij op de hoogte van reacties op mijn inzending

Ik ga akkoord met de voorwaarden

* Verplicht invullen

Zoeken

Plaats

Poorten en torens

Terug naar

Poorten en torens

Kalslagen en Bilderdam aan het einde van de achttiende eeuwOorlogsmonument Zacharias de KorteGouderakNieuwveen en de Uiterbuurt aan het einde van de achttiende eeuw