De oudste delen van de Dorpskerk van Ouderkerk aan den IJssel dateren uit de 12e eeuw. Tufstenen uit die tijd zijn nog te vinden in een muur naast de toren. Waarschijnlijk heeft er al eerder op de plaats van de huidige kerk een kerkje gestaan.
Oorspronkelijk was de kerk een rooms-katholieke kerk. De kruisen op de kerk en de altaarsteen in het koor herinneren daar nog aan. Tijdens de Hoekse en Kabeljauwse twisten werd de kerk tussen 1425 en 1428 verwoest. De kerk werd als kruiskerk herbouwd. In het oude kerkgebouw preekt in 1579 voor het eerst een hervormde predikant.
In en om de kerk werd er in het verleden begraven. In het koor van de kerk is in opdracht van Lodewijk van Nassau, bastaardzoon van Prins Maurits, in 1661 een kleine grafkelder gemaakt. In 1753 gaf Willem Maurits opdracht om een praalgraf te maken. Dit praalgraf, waaraan door vaklieden van naam is gewerkt, was in 1757 klaar. De kisten uit de kleine kelder zijn toen overgebracht naar de grote kelder. In totaal zijn er 35 personen bijgezet van het geslacht Nassau Lalecq.
De wapenborden die oorspronkelijk het monument sierden, zijn in de Franse tijd in de grafkelder verborgen. Waar ze uiteindelijk gebleven zijn is niet bekend.
In het koor van de kerk liggen (delen) van grafzerken. In de kerk bevindt zich fraai meubilair en koperwerk uit de17e eeuw. De herenbanken zijn voorzien van prachtig houtsnijwerk. Dit houtsnijwerk heeft, evenals het beeldhouwwerk van het praalgraf en diverse andere zaken, een symbolische betekenis.
Tot 1862 was de Dorpskerk ook de kerk voor Krimpen aan den IJssel en Stormpolder. Enkele grafzerken in het koor en de beide herenbanken in het schip van de kerk herinneren daar nog aan.
Het fraaie orgel dateert uit 1854. Het is een van meest gave en meest originele exemplaren van orgelbouwer Willem Hendrik Kam uit Rotterdam.
Auteur: N. Holdermans
Literatuur: