De Adventskerk in Alphen aan den Rijn werd gebouwd in de jaren 1920-1922. De kerk staat op de plaats van het in 1916 afgebrande kerkgebouw dat uit 1622 dateerde. Het exterieur van de kerk bleef sindsdien vrijwel ongewijzigd. Het interieur onderging in de jaren zeventig een grote verandering en ook de omgeving van het gebouw veranderde drastisch.
Na de brand van 7 april 1916 werd de afbraak van de restanten van de kerk nog in 1916 voltooid, de stenen werden zorgvuldig afgebikt en opgetast. In 1917 lag het terrein van het Godshuis -wellicht voor het eerst na 1000 jaar- woest en ledig.
Toen dat in 1919 nog zo was en de oorlogsjaren van 1914-1918 waarnaar de kerkvoogdij veelvuldig verwees, toch voorbij waren, werd de kerkelijke gemeente ongeduldig. Het Orgelfondscomité fungeerde als katalysator en in 1920 werd gekozen voor het ontwerp van architect Kuijper naar het voorbeeld van de Nieuwe Badkapel te Scheveningen; het voorbeeld van de kerk van Apeldoorn was afgevallen. Voor een toren was geen geld, maar na hartstochtelijke pleidooien van J. Spreij kozen de lidmaten zelf voor de bouw en het betalen van de toren.
Op 21 juni 1920 begon de firma J. Vonk & S. de Jeu met het werk voor de fundering. In februari 1921 startte de aannemerscombinatie J. Gesman, H. Turkenburg en H. Oudenes met de bovenbouw van kerk en toren. De aanneemsom bedroeg 249.000,- gulden. De bouw verliep voorspoedig en in mei 1922 werd de kerk opgeleverd.
Het is een monumentaal bakstenen gebouw met de grondvorm van een Grieks kruis, een zware toren met veel baksteenornamenten, grote roosvensters van kleurig glas-in-lood. Het interieur is sober en statig degelijk, tegeltjeslint als ornament en een houten gewelf van vuren groefdeeltjes met enig sjabloonwerk. Op donderdag 13 juli 1922 werd de kerk officieel in gebruik genomen. Het actieve Orgelfondscomité had in nimmer aflatende ijver gezorgd voor kwalitatieve interieurstukken: er hangen grote koperen kronen en het pijporgel van 1923 met een fraai eikenhouten front is een pneumatisch instrument van G.F. Steinmeijer. De eikenhouten kansel heeft zes symbolisch-religieus ogende figuren in de sfeer van Toorop. In april 1924 galmden voor het eerst de twee bronzen luidklokken van 1294 kg. en 982 kg. over Alphen aan den Rijn. In 1949 kwamen er nieuwe exemplaren van 1162 kg. en 864 kg. Sinds 1962 is de toren een carillon van 45 klokken rijk. In 1964 kreeg de kerk de naam van Adventskerk.
Maar de wereld verandert en een kerk die in de samenleving staat, moet het gebouw aanpassen. In 1974 had een ingrijpende renovatie van het interieur plaats: de gaanderijen aan de zuidelijke en noordelijke kant werden verwijderd, de houten banken maakten plaats voor stoelen in halfcirkelvormige opstelling. In 1983 werd ook het orgel gerestaureerd. De afmetingen van de kerk zijn: diepte (van voor- tot achtergevel) 36,81 meter; breedte 29,43 meter; hoogte 22,20 meter, hoogte van de toren 40 meter.
(H.J. Habermehl)