Kleurenopname van (boven): situatietekening van de onderaardse gangen (bij het kasteel) in het Houtmansplantsoen aan de Punt, september 1879. Midden: plattegrond van de gangen. Onder: profielschets van de gangen.
"Het Slot (kasteel) ter Goude uyt de stad aan te zien", pentekening van een onbekende tekenaar. ca. 1700
Mevrouw Klein-Sprokkelhorst, wichelroedeloopster, in aktie bij het opsporen van de onderaardse gang vanaf het voormalige kasteel aan de Punt. 11-8-1937

Het kasteel van Gouda

Het slot Ter Goude spreekt bijzonder tot de verbeelding van de inwoners van de stad en is veelvuldig object van onderzoek geweest. De hardnekkige mythe dat het gebouw in 1577 spontaan door de bevolking werd afgebroken (een soort Bastille-aanval) en geruchten over het bestaan van geheime gangen onder het kasteel zijn daar mede debet aan. In 1937 haalde Gouda zelfs de landelijke pers toen een wichelroedeloopster de aanwezigheid van niet één, maar van wel tientallen onderaardse gangen vaststelde. Deze werden zelfs op zes meter diepte niet gevonden.
Historici en archeologen hebben zich ingespannen een reconstructie te geven van de bouwgeschiedenis en de uiterlijke vorm van het kasteel m.b.v. bestaande afbeeldingen en de veertiende-eeuwse rekeningen van de Graven van Blois. De zeventiende-eeuwse afbeeldingen zijn echter onbetrouwbaar. Daarom wordt ook, naast de Bloise rekeningen - die de gemaakte kosten ten behoeve van de bouw en reparatie van het kasteel verantwoorden - gebruik gemaakt van stadsplattegronden en archeologische gegevens.

Het kasteel aan de IJssel (of beter de voorloper ervan) werd gebouwd rond 1361. Er zijn drie grote bouwfasen te onderscheiden die doorlopen tot in de jaren negentig van de veertiende eeuw. Er is dan een min of meer rechthoekig kasteel ontstaan met een voorhof, een voorburcht en een hoofdburcht.
Uit de rekeningen weten we dat het kasteel niet erg comfortabel was. Al tijdens de bouw is regelmatig sprake van vocht, houtrot, schimmel en ongedierte. Het is niet overdreven het bouwwerk als een somber en bedompt bakstenen gevaarte voor te stellen dat op de hoek van de Haven en de IJssel dreigend uit het water oprees. Met dit in het achterhoofd en de meldingen van verzakkingen en zelfs instortingen die zich al tijdens de bouw voordeden, dringt zich het beeld op van een bouwwerk dat voortdurend hersteld moest worden.
Het kasteel werd slechts af en toe bewoond. De eigenaren verbleven vooral in Schoonhoven, Den Haag en andere bezittingen. Het is voornamelijk gebruikt als uitvalsbasis voor de valkenjacht. Een uitzondering is Jacoba van Beieren die met behulp van de Hoekse steden Gouda, Schoonhoven en Oudewater nog enkele jaren standhield tegen Philips de Goede. In die periode, van 1425 tot 1428, verbleef zij regelmatig op het Goudse kasteel.
In 1577 besloot het stadsbestuur over te gaan tot sloop van het kasteel. Het kasteel was geen eigendom van de stad, maar van de Staten van Holland en het besluit was dus wederrechtelijk. Gouda verschool zich achter het argument dat na een onverhoopte herovering van de stad door de Spanjaarden, de Spaanse soldaten zich in het onneembare kasteel zouden kunnen verschansen. Maar zo anti-Spaans was Gouda niet en net als andere steden - Gouda noemt Gent, Antwerpen en Utrecht - maakte Gouda gebruik van de oorlogsomstandigheden om verlost te worden van het kasteel en zijn eigenaar.

Bij een verbouwing van de Grote Volmolen in 1981 stuitte de eigenaar, de heer J. Smit, op een zware fundering. Hij besloot, mede op grond van de hardnekkige verhalen over onderaardse gangen onder zijn huis, een nader onderzoek in te stellen. Dit bescheiden voornemen liep enigszins uit de hand, vooral nadat hij hulp had gekregen van zijn buurman, de heer J. van den Bergh. Beiden ontgroeven de ruimte onder hun huizen net zolang tot ze elkaar ondergronds de hand konden schudden. Uiteindelijk constateerden de beide buren voldaan dat hun woningen gefundeerd waren op een zware muur en een parallel daaraan verlopende overwelfde ruimte. Dankzij de berichtgeving in de plaatselijke pers kwam ook deze ruimte bekend te staan als onderaardse gang.
Ook van archeologische zijde had men inmiddels belangstelling getoond voor de kasteelresten. In de jaren zeventig voerde de Archeologische Vereniging Golda onderzoek uit in het Houtmansplantsoen, op De Punt en nabij molen 't Slot. Toen ook van gemeentelijke zijde meer belangstelling ontstond voor de archeologische monumentenzorg, werd in 1990 opdracht gegeven de oudheidkundige waarde van het Houtmansplantsoen in kaart te brengen.

Auteur: drs.H.M. van der Linde

Archieven:

  • ac-code 200, inv.nr. 1007, situatietekening van de vermoedelijke ligging van het kasteel te Gouda met naaste omgving in 1575, (ca. 1938 ?).
  • ac-code 200 , inv.nr. 1068, fotokopieën van afbeeldingen, passages uit literatuur, krantenknipsels, e.d. betreffende het kasteel en de onderaardse gangen, ca. 1820 - 1982.
  • ac-code 200, inv.nr. 762, De graven van Blois als Hollandsche leenmannen in hun betrekkingen hier te lande en in hun goed, deel IV. De burcht of het huis te Schoonhoven en het slot van der Goude.
  • -

Literatuur:

  • H.J. Sprokholt, Chr. Akkerman, M. van Dasselaar (red.), Het kasteel van Gouda, Gouda St SPOOR 1993, Eburon Delft (uitgev) Jaarboek 1992/1993 van de archeologische vereninging Golda.
  • Dr. J. Schouten, Gouda door de eeuwen, Alphen, 1977, p. 32-34.
  • K.M. Buiskool, Het kasteel van Gouda. uit: N.D.B. Habermehl e.a., In de stad van die Goude, Delft 1992, uitgev. Eburon. Uitgave t.g.v. 60-jarig bestaan Oudheidkundige kring 7-10-1992.
  • Wim Denslagen, Gouda in de serie De Nederlandse monumenten van geschiedenis en kunst,, Zwolle 2001 uitg. Waanders. Uitgave van de Rijksdienst voor de monumentenzorg, Zeist.
  • P.H.A.M. Abels, K. Goudriaan, N.D.B. Habermehl, JH Kompagnie, Duizend jaar Gouda, een stadsgeschiedenis, Hilversum 2002, Historische Vereniging Die Goude.

Websites:



Reacties

 12 februari 2010
bart ibelings
Re: Het kasteel van Gouda

Zeker op de site van een archief mag niet ontbreken dat een toren van het kasteel vooral bekend stond als de beruchte archiefbewaarplaats van 's-lands privileges e.d. Hoewel Guicciardini beweerde dat de stadsregering jaarlijks een onderzoek deed naar mogelijk bederf van de papieren liet Buchell in zijn dagboek weten in sep. 1589 dat de privileges er door motten en wormen werden opgegeten.

Reactie plaatsen




bijlage of video toevoegen





Houd mij op de hoogte van reacties op mijn inzending

Ik ga akkoord met de voorwaarden

* Verplicht invullen

Zoeken

Plaats

Kastelen en buitenplaatsen

Terug naar

Kastelen en buitenplaatsen

Kasteel van GoudaHet witte huis KoudekerkGereformeerde kerk AarlanderveenLokaalspoorweg Gouda-Schoonhoven