Het huis Beerendrecht in de Kortsteekterpolder aan de Lage Zijde van Aarlanderveen dateert van 1647. Het bouwwerk met de negentien morgen bijbehorend land kwam in de plaats van een kasteelachtig ridderhuis dat in Leiderdorp gestaan had, maar dat na het beleg van Leiden uit tactische overwegingen was gesloopt. Het was een leengoed van de Abdij van Rijnsburg en had onder andere het recht om twee koppels zwanen in de Oude Rijn te houden.
De naam (Oud-)Beerendrecht is aan het einde van de vijftiende
eeuw door het huwelijk van Clara van Beerendrecht met Frank van der
Meer (uit Delft) gekoppeld aan die van de familie Van der Meer tot
de naam Van der Meer van Beerendrecht. De familie (Van)
Beerendrecht zou nazaat kunnen zijn van een geslacht dat de
herkomst had in de plaats Beerendrecht onder Antwerpen.
Het huis Beerendrecht stond aan de noordelijke oever van de Oude
Rijn, niet ver van de Nieuwe Vaart, een afsnijding van de
veenrivier de Aar naar de Oude Rijn. Het versterkte herenhuis
bestond uit een gracht met daarbinnen een ringmuur, een brug en
poort met de gevelsteen met het familiewapen, een ruim voorplein en
een sterk buitenhuis (een ringmuur van 75/80 cm dikte, opgebouwd
uit IJsselsteentjes op een onderheide houten fundering). In 1720
kreeg het huis Beerendrecht gezelschap van het buitenhuis
Rijnstroom met eigen vijver en park.
Het huis Beerendrecht heeft nimmer een rol van betekenis gespeeld.
Er was geen aanzien of romantiek, het werd veelal verhuurd en het
diende als onderpand voor twijfelachtige leningen. In 1753 verkocht
Frans van der Meer van Beerendrecht het huis aan de gebroeders
Barend en Daniël Vergunst die hun zinnen niet zozeer op het slecht
onderhouden buitenhuis hadden gezet als wel op de rijke ondergrond.
Het gebouw werd spoedig gesloopt en de kostbare omgeving werd
geheel afgekleid voor de dakpannen- en steenbakkerij.
Ten oosten van de oude fundering werd na het afkleien een
boerderij gebouwd en de wapensteen van de poort van het huis
Beerendrecht kreeg daarin een plaats. In oktober 1922 brandde deze
boerderij af waarna de wapensteen werd ingemetseld in de gevel van
het woonhuis van Piet van Dijk jr., die een kalkzandsteen- en
betonfabriek dreef. In juli 1940 werd dit woonhuis bij een
bombardement verwoest en de familie Van Dijk ontfermde zich over de
brokstukken van de wapensteen. Enkele jaren stond de provisorisch
gerepareerde steen te verkommeren op de achterplaats van Rijnkade
11.
Toen in de jaren tachtig van de twintigste eeuw de wijk
Beerendrecht werd gerealiseerd, liet de gemeente de fundering van
het huis Beerendrecht zichtbaar maken en ook de poort met de fraai
gerestaureerde wapensteen van Beerendrecht keerde op de historische
plaats terug. De plek die nooit kon bogen op aanzien, romantiek en
grandeur droomt nu onder een fraaie treurwilg en in de Oude Rijn
die traag voorbijvliet, drijven soms koppels sneeuwwitte
zwanen.
(H.J. Habermehl)
Literatuur: