Het Zwammerdamse gemeentehuis is eigenlijk "per ongeluk" tot stand gekomen. De erbarmelijke staat van het schoolgebouw was er de oorzaak van dat in 1825 plannen voor een nieuwe school werden ontwikkeld. Burgemeester Leendert Proos Hoogendijk stelde voor om bij de school dan ook maar een gemeentehuis te bouwen. Het gemeentehuis brandde in 1906 af, maar werd binnen het jaar op dezelfde plaast herbouwd. Het bleef in gebruik tot 1964.
De geschiedenis van de bouw van het gemeentehuis is wel een
bijzondere. In 1824 had het gemeentebestuur nog helemaal geen
plannen om een gemeentehuis te bouwen, want het zat met de handen
in het haar vanwege de erbarmelijke staat van onderhoud van het
schoolgebouw in de Kerkstraat. Het gebouw moest nodig worden
gerepareerd, want het was in zo'n slechte staat dat de kinderen
niet met goed fatsoen de lessen konden volgen. Een speciale
raadscommissie, die onderzoek deed naar de mogelijkheden voor
reparatie, kwam tot de conclusie dat het verstandiger zou zijn een
nieuw schoolgebouw te maken. Daartoe werd in januari 1825 dan ook
besloten. Twee woonhuizen aan het Plein werden aangekocht, waar na
afbraak van deze panden de nieuwe school zou komen. In september
1825 stelde burgemeester Leendert Proos Hoogendijk voor om bij de
nieuwe school tegelijk een gemeentehuis te bouwen. Dit zou dan
boven de woning van de onderwijzer moeten komen. De raad stemde met
het voorstel in. Met grote voortvarendheid werden plannen
ontwikkeld, die uiteindelijk resulteerden in de openbare
aanbesteding op 19 december 1825. Vanwege het ontbreken van de
nodige gelden konden deze plannen geen doorgang vinden. Een
soberder plan werd ontwikkeld, wat wel kon worden uitgevoerd. In
oktober 1826 besloot de raad het werk aan de plaatselijke timmerman
Jacob Muskeput te gunnen. Op woensdag 10 oktober 1827 (drie jaar na
de eerste plannen) werd om vijf uur de eerste raadsvergadering in
het nieuwe gemeentehuis gehouden.
De combinatie school, onderwijzerswoning en gemeentehuis heeft tot
1903 stand gehouden. De raad besloot in dat jaar een nieuw
schoolgebouw neer te zetten en de oude onderwijzerswoning bij het
gemeentehuis te trekken. Aan de voorkant van het gebouw werd de
nieuwe secretarie en de burgemeesterskamer ingericht en aan de
achterkant, in het oude schoollokaal, werd een woning met een
gemeentelokaal gemaakt. Zonder veel ophef werd het verbouwde
gemeentehuis in gebruik genomen.
De gemeente heeft maar kort mogen genieten van deze verbouw. Op 15
juni 1906 brak er een felle brand uit in de bakkerij van C. Lit aan
het Plein. Kort daarna bereikte de brand het ernaast gelegen
doktershuis. Door de hevige wind sloegen de vonken over op het
rieten dak van het daar schuin tegenover liggende huisje, dat naast
het gemeentehuis stond. Al snel vloog ook het gemeentehuis in
brand. Er kon niet snel genoeg worden geblust, waardoor de panden
voor een deel verloren gingen. De raad besloot de wederopbouw van
het gemeentehuis onderhands aan te besteden en alleen inwoners van
Zwammerdam mochten inschrijven. De aanbesteding vond plaats op 27
juli 1906. Acht maanden later, op 16 maart 1907, werd de eerste
raadsvergadering gehouden in het nieuw gebouwde gemeentehuis,
hoewel opgetrokken op de oude muren.
In de jaren 1960-1961 werd het gemeentehuis grondig verbouwd voor
een totaalbedrag van 36.688,05 gulden. Nog drie jaar heeft het
gebouw gediend als gemeentehuis. In 1964 werd de gemeente
Zwammerdam opgeheven, waarbij de dorpskom en een deel van het
landelijke gebied aan de gemeente Alphen aan den Rijn werden
toegevoegd.
Literatuur: