'Historisch gemaal krijgt nieuwe jas.' Die onzin stond in een onlangs verschenen kleurenflyer van het hoogheemraadschap over het gemaal Verdoold in Gouderak. (De flyer zat nog in de envelop bij het aanslagbiljet voor de waterschapslasten ook.) Men heeft of huurt kennelijk vele voorlichters: op de website staat correct dat er in de historische jas een nieuw gemaal komt, andersom dus! Hoe dan ook: buiten staat aan de dijk een gemaal met een gestabiliseerde ('gespalkte') bovenbouw te wachten op restauratie. Het is een project binnen het Veenweidepact en de provincie betaalt mee. Het rijksmonument krijgt een nieuwe fundering en (dus) een sterkere geautomatiseerde pomp in de historische jas. In 1866 werd het gemaal M. Verdoold Cz gebouwd. Toch ziet iedereen die langs rijdt er het jaartal 1880 op staan. Hoe kwam dat?
In de eerste plaats: het gemaal werd genoemd naar M. Verdoold Cz, die toentertijd voorzitter was van de polder Stolwijk. De voorletters horen erbij: er waren achtereenvolgens meer Verdoolden polderbestuurder. Het gemaal bediende de polders Stolwijk, Het Beijersche, Den Agterpoort en Veerstalblok. Ze wilden niks van een administratieve fusie weten, maar vormden dus wel een waterstaatkundige eenheid. Het gemaal was een stoomgemaal, voorzien van een scheprad. Omdat dit gemaal niet voldeed werd in 1880 besloten tot de bouw van een nieuw stoomgemaal, ditmaal voorzien van twee centrifugaalpompen. Deze pompen werden geplaatst in een nieuwe machinekamer, die achter tegen het gebouw aan werd gezet. Tussen de uitwateringssluis en het machinehuis werd een ovalen maalkolk gemetseld, nog steeds een juweeltje! Dit gemaal bleek wèl succesvol. Zelfs zodanig dat ook de naastgelegen polder Kattendijksblok (met tot 1880 een watermolen) in de bemaling kon worden meegenomen. Dit voorgaande verhaal zouden de boeren van toen vast een te korte samenvatting vinden, een uitgebreide versie staat intussen sinds 2004 in het Krimpenerwaardboek 'Mensen in een waard vol wind en water'. De discussies tussen 2007 en nu over nieuwbouw in of buiten de oude jas waren er niks bij! (Genoemd boek uit 2004 zei nog dat er rond 2010 een nieuw gemaal zou worden gebouwd.) Het waterbeheer in de waard was in de 19de eeuw namelijk bar versnipperd. Stuwen, dammen en sluizen loodsten het water naar de juiste plek, waar het met windmolens naar de boezem of de rivier werd gevoerd. Het water moest vaak een lange en ingewikkelde weg afleggen. Polders die waterstaatkundig een eenheid vormden, hadden soms verschillende polderbesturen. De bouw van nieuwe molens met schepraderen, die het water via een getrapt systeem omhoog brachten, vonden de ingelanden (boeren) van de kleine polders het beste. Inwoners van de polder Stolwijk dachten daar anders over: zij wilden gebruik van de modernste techniek en werken met stoomkracht! Verhitte discussies leidden niet tot overeenstemming. De provincie trad op als scheidsrechter. Waterstaatsingenieur Jan Anne Beijerinck - nu bekend van een Nieuwerkerkse straat - kwam met een advies: een bovengemaal dat wordt aangedreven door een stoommachine. Er werd nieuw bestuursorgaan voor opgericht: het 'Waterschap der Gemeene waterontlasting van de polders Stolwijk, het Beijersche, den Agterbroek, en van het deel van den polder Middelblok en Veerstalblok, genaamd Veerstalblok'. (Met 'Gemeene' werd bedoeld 'algemene'.) Het bestuur werd gevormd door bestuursleden van de belanghebbende polders, die met hun besturen zelf ook nog bleven bestaan. Ze konden zo denken nog onafhankelijk te blijven…. Pas in 1950 fuseerden de polders die uitwaterden via de Verdoold tot een nieuw groot waterschap: kortweg de polder Stolwijk geheten. In 1975 ging die op in het hoogheemraadschap van de Krimpenerwaard, dat in 2005 zelf weer fuseerde met Schieland. Anno 1975 was die polder Stolwijk de grootste tegenstander van die waterschapsconcentratie. In een open brief werd de vloer aangeveegd met de provinciale plannen: men had bijvoorbeeld zelf al geld gereserveerd voor aanpassing van het gemaal Verdoold! Het verzet was toch tevergeefs. Zou het nu met het gevaar van het opgaan van de waterschappen in de provincies anders zijn? (Zo'n besluit zou natuurlijk symboolpolitiek zijn: de uitvoeringsorganisaties worden bij bestuurlijke onthoofding maar weinig kleiner en goedkoper.)
En het watermachien zelf? In 1920 werd het stoomgemaal omgebouwd tot zuiggasmotorgemaal. In 1948 en 1952 werden deze motoren op hun beurt vervangen door elektromotoren. Ook die twee keer was er al sprake van een nieuw gemaal in de historische jas! De capaciteit van het bestaande gemaal - het werkt gewoon door - is zo'n 320 kubieke meter per minuut en die van het nieuwe is straks 400. Het gemaal kent als alle andere ook mensenverhalen: Siem Sterk was van 1938-1977 machinist, bewoonde tot 2000 de dienstwoning naast het gemaal en kwam in genoemd boek prominent op de foto. Wat het vuil betreft had hij geen hoge pet op van de boeren: 'Ze knalden alles in de sloten, waaronder zelfs varkens en schapen.'
Verschenen in de rubriek Toen & Nu in: Het Kanaal 21-7-2010
Mijn Plaats