De omgevingsvergunning

De omgevingsvergunning is één geïntegreerde vergunning voor bouwen, wonen, monumenten, ruimte, natuur en milieu, die moet leiden tot:

  • minder administratieve lasten voor bedrijven en burgers
  • betere dienstverlening door de overheid aan bedrijven en burgers
  • kortere procedures
  • geen tegenstrijdige voorschriften

Burgers en bedrijven die nu nog verschillende vergunningen nodig hebben als zij een huis, fabriek of schuur willen bouwen of verbouwen hoeven straks nog maar één type vergunning aan te vragen: de omgevingsvergunning

Binnen het Ministerie van VROM bestaat het project Omgevingsvergunning uit de volgende 3 deelprojecten:
1. Project Wettelijk kader: voorbereiding van de nieuwe Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en de benodigde amvb's ,
2. Project Invoering: voorbereiding op de (implementatie van de) omgevingsvergunning; ondersteuning en facilitering van de uitvoeringspraktijk,
3. Project Digitaal Omgevingsloket: implementatie van een digitaal omgevingsloket bij gemeenten, waarmee burgers en ondernemers een omgevingsvergunning elektronisch kunnen aanvragen.

De omgevingsvergunning: hoe komt deze eruit te zien?

Iemand die nu een huis, fabriek of schuur wil (ver)bouwen, krijgt te maken met een groot aantal vergunningen. Verschillende vergunningen, met elk hun eigen criteria, procedures, loketten, afhandelingtermijnen, leges en toezichthouders. Die vergunningen worden vaak verstrekt door verschillende overheidsinstanties. De vergunningaanvragen doorlopen ieder hun eigen procedures die kunnen leiden tot tegenstrijdige vergunningen. Dit is voor burgers en bedrijven onoverzichtelijk en tijdrovend. In het project Omgevingsvergunning staat degene die een vergunning nodig heeft centraal. Door invoering van de Wabo, de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (de omgevingsvergunning) hoeft een aanvrager straks nog maar één type vergunning aan te vragen, bij één loket. Er is ook maar één bevoegd gezag. Na het doorlopen van één procedure volgt één besluit, waarop zonodig één rechtsbeschermingprocedure volgt. Deze stappen zullen hieronder verder uitgewerkt worden.

Eén loket bij de gemeente voor aanvraag en informatie

Bedrijven en burgers zijn niet geïnteresseerd in de organisatie van de overheid. Uitgangspunt in het project Omgevingsvergunning is dat de vergunningaanvrager geen hinder ondervindt van de manier waarop de overheid is georganiseerd. De aanvrager van een omgevingsvergunning moet straks terecht kunnen bij één loket. Hierbij is de plaats van de activiteit waarvoor een vergunning wordt aangevraagd bepalend. Het loket zal daarom in principe bij de gemeente zijn.
De gemeente is niet in alle gevallen het bevoegd gezag. De bevoegdheid tot het verstrekken van een vergunning voor bedrijven met belangrijke risico´s voor milieu, veiligheid en gezondheid ligt bij de provincie. In deze gevallen mag de aanvraag ook rechtstreeks ingediend worden bij het bevoegd gezag (i.c. de provincie). De provincie moet de gemeente hiervan wel op de hoogte stellen.

Burgers en bedrijven hebben niet alleen behoefte aan één loket waar ze terecht kunnen met hun vergunningaanvragen. Ook hebben zij behoefte aan makkelijk te vinden informatie over vergunningen en procedures. Zogenaamde branchewijzers voor de verschillende sectoren moeten met toegankelijke, doelgroepgerichte informatie over vergunningen en vergunningaanvragen in deze behoefte voorzien. De eerste horeca branchewijzer is in mei 2006 gepubliceerd. Volgende branchewijzers volgen in de loop van 2006.

Eén vergunningaanvraag

Uitgangspunt is dat als de aanvrager dat wil, hij met één vergunningaanvraag kan volstaan. De aanvrager bepaalt of hij of zij de vergunningaanvraag digitaal of op papier indient. Deze aanvraag zal mogelijk worden via een digitaal aanvraagformulier op internet. Dit digitale aanvraagformulier leidt de aanvrager via een vragenboom tot een aanvraagformulier op maat. Ook wordt vermeld welke bescheiden met de aanvraag ingediend moeten worden. Ook dit kan elektronisch.
Voor een goede aansluiting op verschillende fases in de ontwikkeling van bijvoorbeeld bouwplannen blijft het mogelijk om de omgevingsvergunning gefaseerd aan te vragen. Dit doet de aanvrager als hij eerst op basis van globale gegevens wil weten of een vergunningaanvraag voor de beoogde activiteit kans van slagen heeft. Tevens is het mogelijk dat de aanvrager zijn project splitst in verschillende deelprojecten. Voor deze deelprojecten kan hij een afzonderlijke omgevingsvergunning krijgen.

Eén bevoegd gezag

Het bestuursorgaan dat een vergunning verleent, wordt ook wel bevoegd gezag genoemd. In het project Omgevingsvergunning wordt ervan uitgegaan dat er één bestuursorgaan is dat de geïntegreerde omgevingsvergunning verleent. In het algemeen zal dat de gemeente zijn. In de gevallen waarin bijvoorbeeld naast de gemeente op dit moment ook de provincie bevoegd gezag is, treedt in de toekomst de provincie op als bevoegd gezag. Daarbij kan de provincie gebruik maken van de deskundigheid van de gemeente. De gemeente krijgt dan in ieder geval een adviesrecht. Het Rijk is in een beperkt aantal gevallen bevoegd gezag

Eén procedure

De aanvraag van een omgevingsvergunning hoeft maar één procedure te doorlopen. Dat kan een reguliere procedure zijn of een uitgebreide procedure.
Voor de reguliere procedure komen projecten in aanmerking waarbij de toestemming een min of meer gebonden karakter heeft, omdat er geen of maar in geringe mate sprake is van beoordelingsvrijheid door het bevoegd gezag. Hierbij kan gedacht worden aan het bouwen van een woning of het kappen van een boom. In deze procedure geldt een zogenoemde fatale termijn. Dat wil zeggen dat de vergunning, als die niet tijdig is verstrekt, automatisch (van rechtswege) wordt verstrekt.
De uitgebreide procedure zal gelden voor complexe projecten, waarbij sprake is van een (vergaande) beoordelingsvrijheid. Bijvoorbeeld voor het bouwen van een bedrijf waarvoor afwijking van het bestemmingsplan nodig is. In die gevallen bestaat er een noodzaak om de betrokken belangen af te wegen, waarbij met het oog op de inbreng van derden-belanghebbenden het voorgenomen besluit in ontwerp ter inzage moet worden gelegd. De vergunning moet dan ook vaak door middel van voorschriften toegesneden worden op het project. In de uitgebreide procedure geldt geen fatale termijn. VROM acht het niet verantwoord dat voor deze activiteiten van rechtswege vergunningen kunnen worden verstrekt.

Eén procedure voor bezwaar en beroep

Op dit moment kent elke vergunning zijn eigen mogelijkheden tot bezwaar en beroep. De omgevingsvergunning kent één rechtsbeschermingprocedure waarbij is aangesloten bij beroepsprocedures uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb)

Eén handhavend bestuursorgaan

Het bevoegd gezag dat de vergunning verleent, is ook belast met de (coördinatie van de) bestuursrechtelijke handhaving. De gemeente of provincie is daarmee dus verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de voorschriften die zijn verbonden aan de omgevingsvergunning.

Toetsingskaders

De omgevingsvergunning regelt de vergunningplicht en de procedure van vergunningverlening. De toetsingskaders waaraan de vergunningaanvraag wordt getoetst, zoals het bestemmingsplan of het bouwbesluit, blijven voorlopig nog in de specifieke wetten staan. In andere projecten die gericht zijn op de modernisering van de VROM-regelgeving, zoals het project algemene regels op milieuterrein, onderzoekt VROM of wettelijke regelingen en toetsingskaders eenvoudiger kunnen, kunnen worden samengevoegd of dat ze kunnen worden geschrapt.

Reikwijdte omgevingsvergunning

VROM wil zoveel mogelijk locatiegebonden vergunningen en andere toestemmingsvereisten op het gebied van wonen, bouwen, monumenten, ruimte, natuur, milieu en water opnemen in de omgevingsvergunning. Te denken valt aan de milieuvergunning, bouwvergunning, sloopvergunning, aanlegvergunning en de gebruiksvergunning. Ook de monumentenvergunning op basis van de Monumentenwet 1988 en de vergunningen die verstrekt worden op grond van de Natuurbeschermingswet 1998 en de Flora- en faunawet zullen straks in de omgevingsvergunning meegenomen worden. Ook de meest voorkomende vergunningen in verordeningen van gemeenten of provincies zullen in de omgevingsvergunning worden opgenomen (kap-, reclame-, aanleg-, en uitritvergunning).
Voor vergunningen op basis van de Wet verontreiniging oppervlaktewateren blijft een aparte procedure gelden als het gaat om directe lozingen. Een uitgebreid overzicht van welke vergunningen en ontheffingen meegaan, 'aanhaken' en niet meegaan, treft u in de publicatie "Schema reikwijdte omgevingsvergunning"
Uitgebreidere informatie is te vinden op de website van het ministerie van VROM: Kennisplein Omgevingsvergunning

Wanneer de omgevingsvergunning zal worden ingevoerd en de wet- en regelgeving daarvoor is aangepast zullen de vergunningen zoals we die nu kennen komen te vervallen. Hoe dan vervolgens de (documentaire) informatievoorziening eruit zal gaan zien is nu nog niet concreet weer te geven. Wel is het zeker dat het om digitale archievering zal gaan. Zeker wanneer ook gelijktijdig met het invoeren van de omgevingsvergunning, het Digitale omgevingsloket zijn intrede zal doen.

Zoeken

Terug naar

Nieuwe ontwikkelingen

David van Dam (1926-1945)Voshol aan het einde van de achttiende eeuwHervormde kerk ZevenhovenKrimpen aan den IJssel